Wie een sloopproject plant, kijkt al snel naar de oppervlakte van het gebouw om in te schatten welke verplichtingen erbij komen kijken. Toch is dat voor het sloopopvolgingsplan (SOP) de verkeerde maatstaf. Volgens Tracimat, de Vlaamse sloopbeheerorganisatie, en OVAM, de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij, hangt de verplichting af van het bouwvolume, niet van de oppervlakte op het grondplan.
Wat is een sloopopvolgingsplan precies?
Een sloopopvolgingsplan bestaat uit twee onderdelen: een sloopinventaris die alle vrijkomende afvalstoffen oplijst met hun geschatte hoeveelheden en locaties, en een plan met de volgorde van sloop, de sorteerverplichtingen en de afvoerbestemmingen. Het document moet worden opgemaakt door een bij Tracimat aangesloten sloopdeskundige, en moet mee in de aanvraag van de omgevingsvergunning worden opgenomen, nog voor de werken van start gaan.
De drempels: bouwvolume, niet oppervlakte
Sinds de verplichte traceerbaarheidsprocedure van kracht ging op 1 juli 2022, gelden volgens Tracimat deze drempelwaarden:
Voor niet-residentiële gebouwen (winkels, ateliers, bedrijfspanden) is een sloopopvolgingsplan verplicht vanaf een bouwvolume van 1.000 m³. Voor residentiële gebouwen die voor meer dan twee derde een woonfunctie hebben, zoals meergezinswoningen, ligt de drempel op 5.000 m³. Gewone eengezinswoningen vallen sowieso buiten deze residentiële drempel. Voor infrastructuurwerken zoals wegen- of rioleringswerken ligt de grens al bij 250 m³ te breken materiaal, een stuk lager dan bij gebouwen.
Het bouwvolume wordt berekend op basis van de volledige inhoud van het gebouw (lengte x breedte x hoogte, over alle bouwlagen heen), niet op basis van de oppervlakte op het kadaster of de bouwvergunning. Daardoor kan een gebouw met een bescheiden oppervlakte, bijvoorbeeld een loods of atelier met hoge plafonds of meerdere verdiepingen, toch snel boven de drempel uitkomen.
Wat als je onder de drempel zit?
Val je met je project onder deze drempels, dan is een sloopopvolgingsplan niet verplicht, maar wel nog steeds mogelijk op vrijwillige basis. Dat kan lonen: wie het traject volgt en het sloopafval correct sorteert, krijgt een laag milieurisicoprofiel (LMRP) toegekend in plaats van een hoog risicoprofiel (HMRP), wat de verwerkingskosten aanzienlijk kan verlagen.
Wat betekent dit voor jou?
OVAM benadrukt zelf om dit document tijdig op te maken om vertraging van je project te vermijden: het sloopopvolgingsplan moet namelijk al opgenomen zijn in de aanbestedingsdocumenten en het contract tussen aannemer en bouwheer, nog voor de werken beginnen. Wacht je hiermee tot de vergunningsaanvraag, dan riskeer je vertraging. Reken bij twijfel dus niet in vierkante meters, maar laat het bouwvolume van je project tijdig berekenen.
Twijfel je of jouw sloopproject onder de verplichting valt, of wil je een sloopopvolgingsplan laten opmaken door een erkende deskundige? Bij Xenadvies helpen we je graag verder.
In het kort
| Aspect | Toelichting |
| Waarop is de verplichting gebaseerd | Bouwvolume (m³), niet oppervlakte (m²) |
| Drempel niet-residentieel | Vanaf 1.000 m³ |
| Drempel residentieel | Vanaf 5.000 m³ (meer dan 2/3 woonfunctie, eengezinswoningen vallen hier nooit onder) |
| Drempel infrastructuurwerken | Vanaf 250 m³ te breken materiaal |
| Wie stelt het op | Een bij Tracimat aangesloten sloopdeskundige |
| Wat als je onder de drempel zit | Niet verplicht, wel mogelijk op vrijwillige basis, met voordeel op vlak van verwerkingskosten |
| Wanneer opmaken | Tijdig, vóór de vergunningsaanvraag en vóór de start van de werken |
Sloopopvolgingsplan | XenadviesEen sloopopvolgingsplan (SOP) is verplicht bij sloop van grote gebouwen en brengt asbest en puin in kaart vóór en na de sloopwerken.
|




